179. DE VLIEG.

Er zijn van die dagen waarop ge gewoon in stilte uw koffie wilt drinken. Maar het universum beslist dat er een vlieg moet zijn. Zo'n kleine, nerveuze, zwart‑glanzende stoorzender die precies weet waar uw grens ligt. Ze cirkelt rond uw oor, landt op uw hand, wandelt over uw glas alsof ze een inspectie uitvoert. En ge wuift haar weg, ge probeert nog beleefd te blijven, want ja, het is ook maar een dier, maar ze blijft terugkomen met de koppigheid van iemand die u wil overtuigen tot het nemen van een abonnement. En dan gebeurt het. Dat moment waarop ge beseft dat de grens van uw geduld bereikt is. Ge neemt de vliegenmepper. Ge wacht. Ge mikt en stilte.
En daar zit ge dan, met dat dode beestje op de tafel. En ge denkt: Waarom leven die beesten eigenlijk? Als ge van dieren houdt, dan wringt dat. Want ge weet dat ze nuttig zijn, opruimers, recyclers, voedsel voor vogels en spinnen, maar ge ziet dat allemaal niet wanneer ze uw gezicht als landingsbaan gebruiken. Maar goed, dat is altijd het moment waarop mijn gedachten afdwalen naar iets anders, naar een andere vlieg, naar de film The Fly.
Want als iemand mij vraagt wat de beste horrorfilm is die ik ooit gezien heb, dan zeg ik dat. Niet die met draken, niet die met aliens, niet die uit het heelal, die allemaal niet. Ik moet kunnen geloven dat de mogelijkheid kan bestaan in een verre toekomst. The Fly. Omdat het de enige horrorfilm is waarvan ik dacht: ja, dit zou kunnen.
Teleportatie? Ik zeg al jaren dat we binnen een paar decennia een kop koffie van Antwerpen naar Peking kunnen verplaatsen. Mensen lachen dan. Maar dezelfde mensen bellen ondertussen vanuit Antwerpen rechtstreeks met iemand in China, alsof dat de gewoonste zaak van de wereld is. Dus ja, ik blijf erbij: teleportatie is geen sciencefiction, het is gewoon nog niet af. En als ze dan nog blijven tegenpruttelen, begin ik over elektromagnetische resistieve inductie. Dan zwijgen ze onmiddellijk, niet omdat ik gelijk heb, maar omdat niemand weet waar ik het over heb.
En dan die film. Die ene vlieg die op het verkeerde moment op de verkeerde plek zit. En wat er daarna gebeurt… dat is geen monsterverhaal. Dat is een biologisch drama. Een mens die langzaam verandert in iets anders, cel per cel, haar per haar, nagel per nagel. Geen magie. Geen buitenaards gedoe. Een fout van de machine?
Neen, dat is geen fout van de machine, integendeel. Die machine levert prachtig werk. Ze doet exact wat ze moet doen: alles wat erin gaat, wordt perfect ontleed, herberekend en opnieuw samengesteld. En die ene vlieg, dat kleine detail dat niemand voorzien had, dat is geen defect, dat is pure, consequente logica.
En dan begin ik te denken: als zo'n machine dat kan, wat kunnen we dan nog allemaal maken? Een mens en een adelaar, bijvoorbeeld. Ik denk dan aan de grootste vogelsoort die er bestaat, zo'n majestueuze vleugels, zo'n kracht, en dan vraag ik mij af: zouden we dan kunnen vliegen? Niet met een motor, niet met een toestel, maar gewoon… zélf. Of misschien worden we iets anders. Iets dat niemand ooit heeft gezien. Iets dat tegelijk menselijk en onmogelijk is. Of misschien een vliegtuig en een olifant, dan kunnen die Dumbo 's uit de zoo allemaal op eigen kracht naar huis vliegen. Een politieker en een uil, dat zou ook een goed idee zijn. Hij werkt graag 's nachts en overdag knippert hij tegen het licht en zegt dat er nog veel werk op de plank ligt.
Maar let op, er zijn mengsels die ge best niet samen teleporteert. Een man en een vrouw bijvoorbeeld. Dat lijkt me gevaarlijk, omdat het nieuwe wezen niet meer weet of het links of rechts moet afslaan, wat het wil eten, en zo terechtkomt in een eindeloze chaos.
En precies daarom is het zo angstaanjagend. Omdat het denkbaar is. Omdat het niet probeert om u te overdonderen, maar gewoon toont wat er gebeurt als technologie een stap te ver zet en een mens dat niet doorheeft.
Dus ja. Misschien is dat waarom ik alles en iedereen altijd zo aandachtig bekijk, omdat ik denk: amai zou ik daarmee willen teleporteren? Ik heb nog niks gezien dat bruikbaar is.
Film: In 'The Fly" raakt wetenschapper Seth Brundle tijdens een test met zijn teleportatiemachine per ongeluk samen met een vlieg in de cabine, waardoor hij langzaam verandert in een mens‑vlieg‑hybride.
